De Hotelrede 2026 – Jochen Otten

De Hotelrede van Jochen Otten

Presentator: Ja, en laten we eerlijk zijn, we vonden het allemaal leuk om dit programma te hebben, maar eigenlijk is het één groot voorprogramma voor waar iedereen daadwerkelijk voor gekomen is, en dat is de jaarlijkse hotelrede. We hebben het vanmiddag gehad over vele onderwerpen van strategie, leiderschap, self-management, het naar binnen keren, kijken hoe je zelf een betere leider kan zijn. Maar we gaan nu, nadat we net de special forces hebben gehad, naar een heel ander onderwerp wat toch in de buurt ligt, En dat zijn de sluipschutters, althans een belangrijk lid daarvan. Want waar Ray ons leerde stand houden onder druk, houdt onze hotelredenaar van dienst ons op een unieke manier een spiegel voor. Herkenbaar, scherp, ontwapenend en ja hoor, pijnlijk grappig. Beste hotellieders, maak u klaar om te lachen, te knikken en uzelf keihard tegen te komen. Hier is niemand minder dan Jochen Otten.

Jochen Otten: Hallo! Lekker! Voor de mensen die nu denken van dat is toch Ray Klaassen weer. Ik ben niet Ray Klaassen, jullie motivational speaker. Ik ben gewoon Jochen Otten, jullie demotivational speaker. Want ik heb wel wat te zeggen over het hotelwezen. Sowieso Roamed gefeliciteerd, Kimberly gefeliciteerd. Superleuk. Voordat ik begin met mijn kritiek op alle hotels waar ik veel slaap. Omdat we met sluipschutters en ik speel door het hele land. Jullie hebben het natuurlijk ook moeilijk.

Dat is ook sowieso waar. 21% BTW. Ineens. Dat is veel. Wij artiesten 9%. Ja. Verschil moet er zijn. 21 en 9 is natuurlijk een groot verschil. 21% bij ons is 9 toegestaan. Of zoals Marco Borsato zei tijdens de rechtbankzitting van, oh, hadden jullie het over de BTW? Dus die had zich vergist. Het wordt nog veel erger, mensen.

Ja, nee, maar kijk, kijk, ik wil even zeggen. Je mag mensen nooit voorliegen. Ik vind dat hotels soms mensen dingen beloven die ze niet waarmaken. De kamer wordt gefotografeerd met een soort vergroothoek lens leugen. Maar je komt op die kamer. Het is nooit de kamer waar je op geklikt hebt. Nooit. Het zijn altijd foto’s van een andere kamer waar je op geklikt hebt. Ook van het uitzicht. Er is nooit mijn uitzicht van het platte dak met die pijpjes en 40 airco units die erop staan. Die wordt nooit gefotografeerd. Dus dan denk ik van jongens, gaan mensen niet voorliegen. Gaan mensen niet met valse voorwenselen lokken. En ik zie nou een paar mensen kijken van nou, jij bent Jochen Otten toch? Ik ben een keer in een theaterprogramma voor jou geweest. Stond ook op de flyer dat het leuk zou worden. Dus een beetje dimmen. Snap ik wel. Snap ik wel.

Ja. Maar ik vind het wel raar bijvoorbeeld dat een ster. Een ster. Of je twee, drie, vier of vijf sterren hebt. Dat dat af kan hangen van hele kleine dingetjes. Zoals een vergroot spiegel. Of een fun op de kamer. En dan denk ik oké. Leuk. Een fun? Voor mij? Is dat om mij te zieken of zo? Leg bij die kaart maar een feun op zijn kamers, lachen. Maar dat je er een ster voor krijgt, voor een vergrootspiegel. Moet ik met mijn 50 plus verimpeld hoofd iets met een vergrootspiegel? Is voor mij niet leuk, een vergrootspiegel. Waar heb ik hem voor nodig? Ja, oké, voor mijn pik misschien. Dat dan misschien wel. Maar is ook niet leuk. Is ook een belediging eigenlijk. Ik kan ook zeggen, weet je wat, ik geef hier een kut optreden. En dan kan ik zeggen, ja maar er ligt wel een föhn en een vergrootspiegel hier op het podium. Dus ja, vier sterren, super. En ik zal niet zeggen in welk hotel dit was, van Van der Valk, wat ik nu ga vertellen. Ik kom graag bij Van der Valk, we zitten met sluipschutters altijd schrijven in Vianen. Superleuk. Dit was niet in Vianen, dit was bij een andere Van der Valk. Ik zal niet zeggen welke.

Dan kom je aan. En ik zeg, ik ben pas elektrisch aan het rijden. Dus ik weet niet hoe we werken met die laadpalen. Ik heb wel een pasje van Shell en van de ANWB. Dus dit pasje, want ze deden het volgens mij niet. Moet ik een ander pasje? En die gast, die daarachter de receptie zei. Ja, van die laadpalen weet ik niks. Ik zeg maar, je bent geen inchexcel toch? Je werkt hier toch? Dat is toch jullie parkeerplaats ook? Ja, maar van laadpalen weet ik niks. Ik zeg, hoezo niet? Hij zegt, ja, ik kom altijd op de fiets. Ik zeg, nou, super. Dan laat de fietsenstalling maar zien. Dan weet ik veel. Passende service, toch? En dan ook de upgrade. Krijg ik ook altijd. Dan kom je in een hotel. En dan krijg je meteen de vraag, wilt u 65 euro bijbetalen voor een upgrade? Dan denk ik, hoezo moet ik meteen 65 euro lappen? Ik snap wel dat jullie het moeilijk hebben. Met die marges. Maar hoezo moet ik meteen 65 euro bijlappen? Ik had toch een leuke kamer? Of is er iets mis met mijn kamer? Alsof de verloskundige zo kijkt en dan het babytje als eerste ziet. En dan zegt van oeh. Voor 65 euro wissel ik hem om. Dat is niet leuk. Is er iets mis met mijn kamer? Dat gevoel krijg ik dan. Als ik het meteen moet upgraden. Is er iets mis met mijn kamer? Ja nou deze is 24 vierkante meter. Maar als je nou upgrade. Dan 57 vierkante meter. Serieus? 57 vierkante meter? Voor een hotelkamer? Hoeveel vierkante meter denk je dat ik nodig heb om mezelf af te trekken? Want wat gaat een man alleen doen in een hotelkamer?

En waarom krijg ik dan twee pasjes? Ik krijg ook altijd twee pasjes als ik in mijn eentje kom. Eentje is dan voor mij. Om gewoon de hotelkamer in te kunnen. En die ander, die is ook voor mij om me te confronteren met mijn eenzaamheid. En waarom? We kunnen natuurlijk wel alles oplossen met AI. Maar waarom gaat mijn airco nooit uit? Waarom is er altijd een enorme teringherrie waarvan ik niet kan slapen? In de kamer, door de airco. Waarom staat die altijd aan? Want dan knipt het draadje door. Want het staat gewoon uit. Het staat gewoon uit op het kastje. Of knip ik het draadje door. Airco blijft gewoon doorgaan. En je kunt niet eerder de stering wangen. Je kan niet naar buiten. De ramen kunnen niet open. Ja, dat snap ik wel. Want die moeten dicht blijven. Vanwege zelfmoordneigingen. Dan denk je van, ja, vind je het gek? In zo’n kamer. En ook de hotels met van die dunne wandjes. Dat je de kamer daarnaast hoort. Ken je die? Nee, altijd dronken mensen. Altijd zijn hotels, altijd dronken mensen op de gang. En je kunt denken van, dat is bij ons niet. Nee, maar ik heb het nu even over het Bastion Hotel. Dat is niet normaal.

Het poetschema van het Bastion Hotel, daar ben ik ook benieuwd naar. Ik zou tegen de mensen van het Bastion Hotel willen zeggen van, automatiseren is goed. Maar je hoeft niet de schoonmaakploeg te vervangen door een chatbot. Zoals jullie hebben gedaan, blijkbaar. Want daar liggen overal haren, dat is niet normaal. En ik snap wel dat je 47 seconden geeft aan een schoonmaakploeg om het schoon te maken. Anders met die marges kom je niet uit, dat snap ik wel. Maar ik vraag me altijd af, hoe kun je in 47 seconden zoveel haren achterlaten? Dat is ongelooflijk. Dan moet je echt snel zijn er. En ik heb een hekel aan haren. Ik haat haren. Ik scheer het eraf. Ik haat haren. Mijn wenkbrauwen mogen er in principe ook af van mij. Ja, want die heb ik niet meer nodig. Sinds ik in het bastion geslapen heb, verbaas ik me helemaal nergens meer over. Ja, als de gemeente Amsterdam iets wil doen met de Stay Away-campagne, dan zou ik zeggen van laat die mensen één nacht geslapen in het bastion, dan komen ze nooit meer terug. De rest blij dat het niet over hun hotel gaat. Superleuk. Nee, maar is het dan zoveel beter in andere hotels? Is het zoveel beter in andere hotels? Als ik vijf sterren bijvoorbeeld. In een vijf sterren hotel, dan verwacht je alles toch? Dan verwacht je dat je alles krijgt. Dan denk je van nou, dan ga ik lekker naar de sauna. Weet je wel? Want er zit er wel sauna bij. Er zijn vijf sterrenhotels. Dan moet je een saunaschema in. Dan staat een tijdschema. Ja. Dan moet je om de beurt in. Het hele hotel van één sauna moet je om de beurt in. Is er alleen een plekje tussen twee uur middags en half drie uur middags. Dan denk je, ik ben toerist. Dan ben ik ergens anders. Ik kan niet naar mijn hotel terug om in de sauna te doen. Dan zeg ik, oké, laat maar. Dan ga ik niet naar de sauna. Dan ga ik lekker ontspannen. Dan ga ik morgen lekker uitslapen. Kan niet. Nee. Tien uur uitchecken. Tien uur. Soms 11 uur. Om 9 uur ontbijten. 10 uur. Hup. Optieffen. Wat ik raar vind. Om om 10 uur al uit te moeten checken. Of om 11 uur. Want inchecken. Dat komt pas om 3 uur. Wat gebeurt er in die tussentijd? Van. Ja. Dan is de camera even een paar uurtjes voor zichzelf. Of zo. Want er wordt geen 4 uur of 5 uur gedaan over de school. Maar kijk. Als ik om 10 uur. Als ik aankom. Bij het hotel. Om tien uur. Mijn vliegtuig. Om tien uur. Tien uur. En dan moet ik tot drie uur wachten. Moet ik vijf uur wachten. Om in mijn kamer te kunnen. Vijf uur. Ik denk als ik wil wachten op een hotelkamer. Dan boek ik wel een maritiem. Ja. Maar daar hebben ze wel. Dat is wel bijzonder in de geschiedenis. Van de Maritiem. Wat hier nou gebeurt. Historisch gezien is het heel bijzonder. De laatste keer dat de Duitsers zich terug trokken was in 1945.

En dan jongen. Als je met dit gezicht wat ik heb. Uitcheckt. En jullie denken van hij is een beetje boos. Nee, dit is gewoon mijn hoofd. Ik heb gewoon, dit is mijn basishoofd. Dit is mijn uitstraling. Dus ik kan, dit is wie ik ben. Snap je? Dus als ik naar de receptie loop van een hotel, dan krijg ik meteen de vraag van, u wilt de klachtenformulier meneer? Want dat is mijn hoofd. Ik kan er niks doen. Nee, ik kwam even zeggen dat alles in orde was. Oh, nou. Ja, ik heb blijkbaar het hoofd van iemand die net heeft ontdekt dat zijn Easy Park al vijf dagen aanstaat. En dan, constant zeg maar. En als je zo met dit hoofd uitchekt, hoe is het dan mogelijk? dat ik dan toch een mailtje toegestuurd krijg van jullie, als ik thuis ben, met hoe ik het vond. Daar is het niet leuk, zo’n enquête. Doen jullie dat expres? Dat ik dan alle negatieve ervaringen die ik heb meegemaakt, thuis nog een keer via een enquête kan herbeleven? Is dat de bedoeling?

Jij bent heel jong, toch? Hoe oud ben jij? 36, hartstikke jong man. Ze hebben een millennial. Ik hoorde dus net, de millennials en de genziers, dat zijn de gasten. Overwegend dan. Ik had dat niet verwacht, toch? Dat zei hij toch? Maar ook dus, als je als leider, je zijn de leiders. Ik weet niks van leiderschap hoor. Ik weet vooral veel van slachtofferschap, maar dat heb je al gemerkt. Maar als je als leider, dan moet je dus ook de genziers aansturen toch? Daar ben je zelf niet. Het is een andere generatie, super moeilijk. Blijkt mij. We hebben 36. Weet jij welke generatie boven jou zit? Nee, tegen hem. Ik wil jou wel een beetje aandacht geven. Maar ik had het eigenlijk tegen hem. Weet je eigenlijk niet? Nee, nou ben jij aan de beurt. Sommige vrouwen kunnen altijd aandacht naar zich toetrekken. Dat is ongelooflijk. Dat jij begint, hij dichtklapt en toch de aandacht hebt. Nou, dat is hartstikke goed. Nee, maar wat zit er boven de millennials? Wat zit daar voor een generatie eigenlijk? Want je hebt het over Gen A, Gen Z en dan millennials. Wat zit daarboven? De zennials en dan de boomers. Nou val je even door de mand, hé. Want je komt hier met een heel verhaal over generaties. Maar dan vergeet je even iemand, of niet? Mij namelijk. Jij kreeg het antwoord ook ingefluisterd van die vrouw naast jou, die blijkbaar ook nergens iets vanaf weet. Nee, de generatie niks zit ertussen. De generatie X. We kunnen niet met z’n allen doen alsof die generatie er niet bestaat. Alsof Bas en Aldriaan nooit bestaan hebben. Of de Knight Rider, of E-Team, of doe maar. Als je nou zelf twijfelt van ik weet eigenlijk helemaal niet in welke generatie ik zit. Nou als jij vroeger je rekenmachientje hebt omgedraaid en ingetikt hebt lol plus lol is hihi. Dan hoor je bij mij, dan hoor je bij mij. Dat is ook wel mooi eigenlijk hè. Roamed werk met chat GPT, wij hadden dan lol plus lol is hihi. Verder is onze generatie ook eigenlijk niet zo moeilijk. Onze generatie is nooit verder gekomen digitaal gezien dan lol plus lol is higi. Een aantal van ons is terechtgekomen in de IT en die kunnen inmiddels oliebol, maar that’s it. Ik schrik er toch van, snap je? Mensen denken vaak dat ik ook een boomer ben en dat wil ik even recht zetten. Dan denken van, het ziet er niet uit als ik aan het appen ben, snap je? Dat ziet er niet uit. Zo’n bundel app, daar kan ik helemaal niks mee. Daarom noemen ze mij Boomer. Ik kan wel niks mee. Maar ik wil wel even zeggen, ik ben geen Boomer. Want ik vind Boomers ook raar. Dat vind ik ook rare mensen. Ik heb geen hekel aan alle Boomers. Maar wel aan de Boomers met een tevreden hoofd. Ken je die mensen? Boomers met een tevreden hoofd. Die de hele tijd lopen te vertellen hoe goed ze het allemaal geregeld hebben. Ik heb het allemaal helemaal goed geregeld. Ja, ik heb nou mijn huis heb ik helemaal af betaald. Nippetheek heb ik helemaal af betaald. Dat heb ik goed geregeld. Ik heb zonnepaneeltjes op mijn dak liggen. Heb ik helemaal goed geregeld. Ik heb een laadpad voor de deur staan. Heb ik goed geregeld. Elektrische auto’s rijken. Ik heb gratis in Zuid-Frankrijk. Ik heb in de zomer. Heb ik helemaal goed geregeld. Staat een huisje. Heb ik helemaal af betaald. Heb ik helemaal goed geregeld. Sowieso mijn pensioen helemaal goed geregeld. Vervroegd. Heb ik ook financieel goed geregeld. En ik denk, als je het echt allemaal zo goed geregeld hebt. Waarom groeit er dan zo fokken veel haar uit je oor ga daar eerst eens regelen alsjeblieft. Want als je het daar niet geregeld krijgt, wordt de rest ook een beetje een ongeloofwaardig verhaal, of niet? Het is ook precies die generatie die dan over jouw generatie zegt, kijk, dan lopen ze weer met de schermpjes, met de telefoons. Het is niet voor niks dat we hier over AI praten, over Bundle, over Roamed. Het is een andere generatie. Dan lopen ze weer met de schermpjes, roepen de boermers dan. Dat is toch niet nuttig? Nee, knikkeren, dat was nuttig. Jullie hebben de mensheid vooruit geholpen in jullie jeugdjaren. Met je jo-jo. Oh, kijk, gaat-ie naar beneden. Oh, komt-ie weer naar beneden. Kijk aan. Oh, gaat-ie weer naar beneden. Oh, komt-ie weer naar beneden. Zie dit? Oh, zo gaat-ie ook zo. En de keuzes, de andere generatie maakt ook… De boomers maken andere keuzes. Mijn moeder, dat is een boomer. Die is tachtig. En die maakt rare keuze. Die heeft laatst met mijn stiefvader. Drie maanden geleden. Hebben ze een spiksplinternieuwe auto gekocht. Maar echt spiksplinternieuw. En je denkt, waarom een gloednieuwe auto? Hoeveel kilometer ga je nog maken? Zes? Of zo? Zij rijden ook nooit. Ja, zij rijden dan van het ene paaltje tegen het andere paaltje. Dat is het traject waar ze afleggen.

Ik zeg, ik zou wel iets vertellen over hospitality. Dat is mooi, ja. Maar dat heb ik niet in Nederland meegemaakt. Ik zei tegen mijn vriendin, ik ga heel even de deur uit. En ze zegt, oh, is het goed, waar ga je heen? Ik zeg, Malaysia. En ik ben naar Malaysia gegaan, ik trok niet meer. Ik kom op de Paranthian Islands. Over hospitality gesproken. Ik was ontroerd door de service die ik daar kreeg. Wat daar gebeurt, jongen. Natuurlijk was ik ontroerd. Want die reis naar de Parencian Islands in Malaysia. Ik ben nooit op een mooiere plek geweest in mijn leven als daar. Parencian Islands, schitterend. Maar ik was ontroerd. Misschien omdat ik moe was. Ik had 18 uur in het vliegtuig gezeten. Dan moet je nog met zo’n boemeltreintje naar het noorden. Dan moet je nog met een bootje het water over. Dus ik was moe. En ik had ook die week ervoor in het bastion geslapen. Dus ik was sowieso kapot al. Die vrouw. Die kamermeisje. Of iemand die daar werkt. Ik weet niet eens of we… Die loopt met mij mee. Gewoon die loopt helemaal mee. Als een soort levende inchecksuil loopt ze naar mijn hut. Op zo’n berghelling. Met uitzicht op zee. Prachtig. En ik was ontroerd. En als ik eraan denk. Ik kan zo weer volschieten. door dat moment. Want zij gooit de deur van de hut open zo. En zij wijst op het bed. En ze zegt, Sir, for you. En niet om een Chinees na te doen of iemand, een Aziatische. Ik probeer gewoon na te doen hoe zij sprak. Sir, for you. En ik kijk. En dus de tranen springen in mijn ogen. Want op het bed heeft zij speciaal voor mij twee zwanen gevouwen. Die elkaar een kus geeft. En ik denk, ja, dit is precies wat ik nodig heb, ja. Dit beetje liefde. Dan moet ik 18 uur in een vliegtuig zitten om iemand te vinden die mij een beetje begrijpt. Prima. Dat was mooi. Er waren mooie zwanen. En ik denk, dat moet je ook kunnen, of niet? Twee zwanen vouwen. Goh, het is allemaal mooier. Dat is ontroerend. Ik denk, we hebben die mensen hier voor opleiding genoten. Vier jaar hotelschool en zes jaar origami. Vond ik veel. En ik denk, die mevrouw, die ga ik voorgeven. Die verdient extra. En die heb ik vijf euro voorgegeven. En vijf euro is daar ook vijf euro. En zij zegt, thank you, sir. Ik zeg, nee, thank you. Want ze had een godverdomme mooie handdoeken. En ik was helemaal in mijn nopjes. Ik heb de hele dag daarna rondgelopen van, levende vouwkunst, levende vouwkunst. Ik vond het schitterend resort. En na het ontbijt, een dag later, was ik… Na het ontbijt. En ik denk, weet je wel, laat maar, ontbijt, weg. Gewoon een helft, ik eet toch teveel, laat maar. Want ik zag ze lopen met een karretje, ze waren net met mij geweest. Ik denk, ik ga kijken waar ze gevouwen heeft. Ik was benieuwd. Ja, ik was origami-fan, in één keer. En ik ging kijken, en ik doe de deur open. En er stond één zwaan op bed. Ik vond het ook tegenvallen. Ik denk, is de liefde nou niet meer voor mij bedoeld ineens? Heeft ze gezien dat ik alleen reis? En dan stond er ook zo met zijn snavels heel agressief naar de deur. Zijn territorium te verdedigen. Ik kom binnen, ik schrik me helemaal de tering. Ik zeg, oh rustig man, dan ga jij op bed. Dan ga ik wel op de grond, maak mij een oud. En de derde dag… had ze een handdoek opgerold. Had ze rechtop gezet. En een paar tissues eruit. Ik denk, wat heeft dit nou weer te betekenen? Hebben al even gemakzucht. Ik denk, ga verhalen halen, dit pik ik niet. Ik heb erop gezocht. Was ergens bezig in een ander hutje. Ik zeg, can you come? With me? Kun je met me meekomen? Hij zegt, yes. Ja, ja. En we komen bij mijn hut en ik zeg, what is this? Van, wat is dit? En ze zegt yes. Ik zeg nee, niet yes. Ik zeg, what is this? Wat doe je ding jezelf voor met, lady? Van me denk ik zelf van, vrouwke. Ik zeg, what is this? Ik heb nog nooit iemand zo verbaasd naar mij zien kijken. Nog nooit. Ze zegt, sir, is het touwel? Ik zeg, yes, but what does it mean? Van waarom zo gemeen? Is het touwel? En ineens, ik met mijn niet-woken hoofd dacht van, oh, zij kan de R niet zeggen. En ze heeft de toren gebouwd. Dat is het natuurlijk. Ze zei, oh, you mean a tower of a part of a castle? Je bedoelt een torenstuk van een kasteel. Ze was helemaal verontwaardigd. Toen zei ze, no, it’s not a tower. It’s a tower. Ja, en ik vond dat gaaf, want ik kon het verschil horen. Dat is vet. Moet je eens luisteren, goed luisteren. Of het verschil gaat door. No, it’s not a tower. It’s a tower. Ik denk, dat is toch vet. Hoe kan ik nou het verschil horen tussen precies hetzelfde? En toen zei ze, sir, if you take a shower, want ze zag me allemaal twijfelen, then you’re wet. And then you take shower, towel, and then dry. Ik denk, heb ik nou 18 uur in het vliegtuig gezeten om door een kamermeisje uitgelegd te krijgen hoe een handdoek werkt? Het is niet leuk. Echt niet leuk. Het was ook geen leuke vakantie meer. Ook omdat het zich rondbazuint op zo’n resort. Dan kom je buiten en dan meteen die kamermeisjes ook samen klonteren en een beetje smispelen van… That’s the bald guy who doesn’t know what tower is. Ook andere badgasten die dan gaan roepen van… Hey, lachen bij jou, ik gebruik zo wijze van de handdoeken. Het is niet leuk hoor. Als je naar je bedje loopt en je gooit zo je handdoekje uit en je krijgt applaus. Dat is niet leuk. Ik vond het wel leuk om hier te zijn, mensen. Dank je wel en een fijne avond nog. Dank je wel. Dank je wel. Dank je wel. Thank you.